Onze korte crossing van Biskaje duurt maar twee en een halve dag schatten we in. De ochtend laten we aan de kade in Gijon voorbij gaan, want het regent, waait en onweert. In de regio van Bordeaux, waar we heen gaan zeilen, is bovendien noodweer voorspeld en de staart van het weersysteem dat dat veroorzaakt trekt over ons heen.
Als de wind afneemt en de lucht opklaart laten we de Spaanse kust achter ons. Het is een heerlijk gevoel de ruimte van de oceaan voor ons te hebben en we realiseren ons ook dat we dat gevoel op deze reis niet vaker zullen beleven. Als we eenmaal in Frankrijk zijn, zullen we tot we thuis zijn min of meer de kust volgen en bovendien het vakantiegedruis tegemoet varen. Tot nu toe kwamen we geen vertrekkers tegen en slechts twee Nederlandse schepen (die beide terug voeren naar NL).



Conform het zeilen op de heenweg door Biskaje, gebruiken we ook nu weer bijna alle tuigconfiguraties. Een echte crossing over de oceaan in de passaatwind vraagt weinig aan actief zeilen: ruime wind en gaan. Nu wisselen kracht en richting regelmatig en bomen we uit, bomen we om, hijsen de halfwinder, zetten de kotter bij en dan weer een rif. Sport, zou je haast denken, op het voordek althans. In de kuip wordt tijdens een crossing gelezen, passeren luisterboeken, doen we spelletjes uit de oude doos of verzinnen ze zelf, eten we vaak (en niet te veel) en speuren we naar dolfijnen en walvissen. Wie naar binnen gaat doet dat om de toilet te bezoeken, een tukkie te doen, te koken of aan de grote tafel te tekenen of in het grote bed met lego te spelen. En zo rijgen de uren zich aaneen. Hebben we een mega tonijn beet die onze vislijn laat breken, hebben we de scholen dolfijnen langs de boot, zien geen walvissen maar wel heel veel vissers, Jan van Genten en juist weer amper een ander schip. En we doen natuurlijk veel nachtwachtjes. Nu op de terugweg van onze tocht participeren ook de kinderen. Markant moment wel: ouders in de nacht onder dek en Louise en Minne doen de uitkijk (lichtjes te zien?), checken de plotter (schepen op de AIS?), monitoren de wind (kracht en richting) en melden alle andere bijzonder zaken. Vanaf 2130 worden de ouders geacht zich niet meer aan dek te begeven tot 2345, tenzij op nadrukkelijk verzoek van de wacht. Die overeigens de tijd ook doorkomt met een film en zelf gevulde ‘wachtbakjes’ met zoute en zoete lekkernijen. Win win zeg maar.
Omdat we ‘Elon’ aan boord hebben kunnen we ook midden op zee contact hebben met Tessa en haar ouders. Nu we weten hoe de komende week in Frankrijk er ongeveer uit gaat zien, is het mogelijk ad hoc een logé te boeken. Wat gezellig!
Met prachtig weer laten we in de loop van de ochtend ons anker vallen bij Ile de Ré. De kust is hier vrij vlak en niet meteen oogverblindend mooi. Wel druk, zoals verwacht. Na weken boot-armoede wemelt het hier van de zeilschepen om ons heen.

In de middag lopen we te La Rochelle aan, waarvan de haven een ansichtkaartachtige entree heeft. We mogen in de vieux port liggen en zijn meteen écht in Frankrijk en dan ook meteen in een zeer toeristische versie. Het stadje is mooi, de drukte overweldigend. Overal glace, fruit de mer, crêpes en galettes, straatartiesten en terrassen. Het is even wennen maar ook heerlijk zomers vrolijk en de start van onze kennismaking met de Vendée. De ijsprijsinflatie is schrikbarend maar dat mag de pret niet drukken.


Met onze huurwaggie toeren we de volgende morgen naar Ellemarije en Sofia die in Bordeaux wonen. Helaas is Ernesto niet thuis en dus drinken we koffie met de dames en pruttelen vervolgens naar de luchthaven. Na wat papierwerk mogen Louise en Tessa elkaar omhelzen. Wat heerlijk dat deze twee vriendinnen elkaar hier weerzien en samen een midweekje vakantie kunnen vieren!
















Minivakantie voor 5



L en T zijn samen op pad, dus nemen Minne , Caren en ik maar kiekjes met zn drietjes
Touren door de Vendée rond Ile de Ré blijkt goed te doen. We ontdekken wadjes en stadjes en zelfs een waterpark waar Minne en de vriendinnen zich uitstekend vermaken. Voor het eerst beachen we ook onze boot: het blijft een waanzinnig gevoel je schip moedwillig aan de rand van de oceaan op een strand te varen. Ook ontdekken we elders dat bij hoog water de beroerd aangegeven ‘viscultuur’ gebieden niet te zien zijn en dat je bij laag water op palen gespiest zal worden. We worden gewaarschuwd door een voorbij suppende ‘local’ en komen met de schrik vrij. Opletten geblazen dus. Een fietstocht langs zoutwinnerijen laat ons door de hitte in de fakkelende zon perfect meemaken hoe zout zich moet voelen terwijl het ligt droog te dampen. Dolfijnen imiteren in een waterpark is een aangenamere activiteit voor de kids, blijkt.

De retourtocht voor Tessa naar NL wordt geheel klassiek op het laatste moment door de Franse vakbonden een dag uitgesteld. Levert de dames -die al op het vliegveld staan- een extra dag (met Sofia en Elle in) Bordeaux op en Minne en mij een mannenetmaal in La Rochelle.






Als we de tocht weer met zn viertjes voortzetten, zeilen we een paar uur en vallen wonderschoon droog in le Riveau, in een waddengebiedje aan de noordzijde van Ile de Ré. De Franse wroetcultuur wordt die dag aan ons geopenbaard: waar zee droogvalt, beginnen de Fransen met schepjes en harkjes Fruit de Mer te verzamelen.


Helaas komt er minder mooi weer, met veel wind en vermoeden we dat ons wadje dan weinig leuk programma voor de kids gaat opleveren. Als we loskomen gaan we de zee weer op en pakken de eerste mijlen aan de wind, deze reis. Ons heerlijke schip blijkt ook nu, zo vlak na het droogvallen, nog meer platbodem-karakteristiek te hebben want wil bij aan de wind varen graag veel aandacht voor de trim van de zeilen om gang te kunnen maken. Gelukkig neemt de wind toe en wordt het aan de wind zeilen verrassend fijner. Louise wordt zelfs enthousiast van ons op een oor liggen: lekker actief varen! Als bij meer dan 20 knopen wind we een rif steken en de genua verruilen voor de fok, knallen we uitstekend door.

Om de kids golfsurfopties te geven lopen we Bourgenay aan. Een mooi beschutte haven waar we zeer vriendelijke welkom geheten worden, kunnen surfen en fietsen kunnen huren. Les Sables-de l’Olonne doen we per tandem aan. De fietsjes zijn hilarisch klein maar juist bij de inmiddels forse tegenwind levert dat een lekker lage Cw waarde op. Daar we inmiddels in de Vende Globe wereld zijn aanbeland, zoeken we de racers op die hier gestald zijn. Indrukwekkend.
Nog indrukwekkender is misschien wel het Fruit de Mer plateau dat Caatje en ik tijdens een middagfietstocht voorgeschoteld krijgen in Talmont-Saint-Hilaire. In de middle of nowhere tussen de oesterculturen is niet het volume maar met name de kwaliteit van de zeevruchten die we proeven onvergetelijk, en dat bij een prachtig uitzicht en inmiddels vriendelijk middagzonnetje. Dit gaat moeilijk overtroffen worden, vrezen we.













Als de wind weer hanteerbaar is varen we naar Île de Yeu. In de baai van Le Vieux Château friemelen we onze boot tussen de franse jachten. In de middag gaan we op stap, bezoeken het kasteel en hét galette restaurant van dit eiland. Echt heel lekker!
Omdat snorkelen hier perfect kan -het water is best lekker warm inmiddels- gaan Minne en ik weer op vispetitie. We varen wat baaitjes in en uit en wederom krijgen we lipvissen in het vizier. Tsja, dan kunnen we de harpoen niet aan boord laten. De jacht verloopt zo gunstig dat we ons tweede enorme exemplaar van de dag venten bij een buurboot. In de avond worden we uitgenodigd door de kids (die met Minne en Louise op het strand gaan spelen) en borrelen Caren en ik met Mattieu van Île de Yeux en Ivette. Hun tips voor mooie plekken in dit gebied helpen ons de volgende dagen bestemmingen uit te kiezen en het blijkt ook dat onze goede lipvisvangst beïnvloed kan zijn door het feit dat we wederom in een beschermd buurbaaitje de harpoen gehanteerd hebben. Excuses aan de wijlen zo onbekommerd rondzwemmende lipvissen en Franse autoriteiten…




Vanaf hier varen we naar het noorden de Vendée weer uit. Op naar zuid Bretagne!
Ellen 5th September 2025
Zó leuk om te lezen!!